De Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) was bedoeld om zelfstandig ondernemers te ondersteunen in hun inkomen voor levensonderhoud en een lening voor bedrijfskapitaal om de financiële gevolgen van de coronacrisis op te vangen. De aanvullende ondersteuning vulde het inkomen aan tot het sociaal minimum. De Tozo werd aangekondigd in het eerste noodpakket in maart 2020 en liep in vijf aanvraagperiodes tot en met september 2021.

Gebruik Tozo door zelfstandige ondernemers in Nederland

Gebruik per aanvraagperiode

Tijdens de eerste aanvraagperiode werd het vaakst gebruik gemaakt van deze regeling. Bijna 313 duizend bedrijven maakten gebruik van Tozo-1, oftewel 17 procent van alle bedrijven. Tozo-2 werd door ongeveer 109 duizend bedrijven aangevraagd. Vanaf de tweede aanvraagperiode gold voor de Tozo een partnerinkomenstoets: de hoogte van de aanvullende uitkering was afhankelijk van het totale huishoudinkomen, in plaats van het persoonlijk inkomen zoals bij Tozo-1. Van Tozo-3 maakten bijna 124 duizend bedrijven gebruik. Daarna nam het gebruik af tot iets minder dan 45 duizend bij Tozo-5.

Bedrijven met TOZO naar aanvraagperiode en grootteklasse (aantal bedrijven x 1000)

Bron: CBS, 11e rapportage monitoring steunmaatregelen (14 oktober 2022)

Mate van gebruik

Het grootste deel (57 procent) van de bedrijven die een beroep deden op de Tozo, deed dat maar één keer. Veruit het grootste deel van deze bedrijven (93 procent) gebruikte alleen Tozo-1. Van alle Tozo-gebruikers nam 16 procent twee keer deel aan een regeling. Een op de tien bedrijven met Tozo maakte van alle vijf aanvraagperiodes gebruik.

Aantal keren dat bedrijven deelnamen aan TOZO (% van totaal)

Bron: CBS, 11e rapportage monitoring steunmaatregelen (14 oktober 2022)